Amsterdam heft toeristenbelasting, maar bestrijdt het toerisme niet
De nieuwe Amsterdamse coalitie heeft zijn akkoord gepresenteerd. Na maanden druk van voor- en tegenstanders van het huidige toerismebeleid was de grote vraag: hoe pakken ze dit aan?
Wat direct opvalt: in een stad die worstelt onder het gewicht van massatoerisme, komt het woord "toerisme" maar vier keer voor in zeventig pagina's. De "toeristenbelasting", door voorstanders gezien als het belangrijkste instrument om de druk te verminderen, doet het iets beter met zes noemenswaardige vermeldingen. Een echte visie op het onderwerp ontbreekt volledig.
Op pagina 33 lezen we gewoon dat de belasting stijgt van 12,5% naar 16% in 2027. Daarna gaat hij elk jaar met één procentpunt omhoog tot 20%. Amsterdam heeft daarmee het hoogste tarief ter wereld. Dat gold technisch gezien al bij 12,5%. Bij 20% staat de stad in een klasse apart. De rechtvaardiging is dat bezoekers "meer bijdragen aan de stad". In het deel over kosten voegt de coalitie toe dat dit "de verordening" vervult.
Die verordening is Toerisme in Balans (2021). Daarin stelde het college een plafond van 20 miljoen overnachtingen per jaar. Dat doel mist de stad al jaren. Hier loopt het plan vast. Als de verordening gehaald zou worden, zou een tarief van 20% het aantal overnachtingen onder dat plafond drukken. Met 22,9 miljoen overnachtingen in 2024 en een verwachte 23,7 miljoen in 2025 is dat gewoon niet realistisch. Een daling van vijftien procent is enorm. De zorgwekkende kant is dat politici dit ook weten.
In 2023 gaf de dienst Belastingen onderzoek in opdracht naar de prijselasticiteit van de toeristenbelasting. Ze wilden weten hoe hoog het tarief moet om een bepaald effect te bereiken. In het meest gunstige scenario, met prijsgevoelige bezoekers, drukt een tarief van 30% het aantal toeristen naar 18 miljoen. De basiscase wijst op 40 tot 45%. In het minst gunstige scenario, waar cijfers nauwelijks reageren, is zelfs 60% nodig.
Welk scenario is realistisch? De praktijk geeft het antwoord. Nadat het tarief van 7% naar 12,5% steeg, bleven toeristen komen. In toenemende aantallen zelfs. Dat gebrek aan gevoeligheid wijst duidelijk naar de inelastische kant. Dichter bij 60%. Hoe dan ook is 20% duidelijk niet genoeg. De zin "dit vervult de verordening" is veel te makkelijk neergezet. Het laat weinig inzicht in de realiteit zien.
Wat bereikt de stijging dan wel? Voor het aantal bezoekers weinig tot niets. Voor de toeristen die toch weg blijven, toont hetzelfde onderzoek dat de helft gewoon naar een hotel in de regio verhuist. Denk aan Haarlem of Zaandam. Ze pendelen dan elke dag naar de stad. De drukte in het centrum verandert nauwelijks. De belastingopbrengst zelf lekt weg naar aangrenzende gemeenten. Dit is het waterbedeffect.
Wat het wel aanzienlijk vult, is de gemeentekas. De verwachte extra opbrengst van 60 miljoen euro groeit met 5 miljoen per extra procentpunt. Dat lijkt alles behalve conservatief.
In 2024 bracht de toeristenbelasting 284,6 miljoen euro op. Voor 2026 heeft de gemeente 275 miljoen begroot. Dat is een opvallend voorzichtig bedrag, gezien het feit dat de opbrengst in 2024 al bijna 10 miljoen hoger was. Met 22,9 miljoen overnachtingen en een tarief van 12,5% wijst dit op een gemiddelde overnachtingsprijs van net onder de 100 euro in 2024.
Als we diezelfde 100 euro toepassen op de 23,7 miljoen bezoekers die we in 2025 verwachten, zou een tarief van 16% in 2027 al rond de 380 miljoen euro opleveren. Het budget van de coalitie voor dat jaar rekent echter alleen met 275 miljoen plus de verwachte 60 miljoen extra. Totaal 335 miljoen. Om op dat bedrag uit te komen, moet de gemiddelde overnachtingsprijs dalen naar rond de 88 euro. Of het aantal toeristen moet zakken naar 20,9 miljoen. Gegeven de cijfers van de afgelopen jaren zijn beide uitkomsten volledig onrealistisch. Waarschijnlijker is dat prijzen stabiliseren. Dat knelt in de horecamarges. Het aantal toeristen blijft licht stijgen. De opbrengst loopt volledig voor op het budget. Mijn schatting is rond de 400 tot 450 miljoen euro tegen 2030.
Er is niets mis met belastingopbrengst op zich. Zeker niet in een stad met zoveel uitdagingen. Het probleem is dat de coalitie niet verder komt dan te stellen dat het "de verordening" vervult. Ze leggen niet uit hoe al dat extra geld daadwerkelijk bijdraagt aan "de voorzieningen die bezoekers gebruiken" en aan "nodige investeringen in de stad". Een geloofwaardig plan voor maatregelen die het aantal toeristen echt verminderen, is nog niet eens begonnen.
Daarmee staat de gemeente in een risicovolle positie. Gezien de maatschappelijke druk is dit realistisch gezien de enige kans om beleid te ontwikkelen dat overtourisme echt aanpakt. Een simpele belastingverhoging telt niet mee. Het ondermijnt de geloofwaardigheid van de gemeente. Het laat vooral zien dat ze niet weten hoe ze moeten handelen. En dat de visie op dit onderwerp ontbreekt.